Om toch voorbereid het nieuwe jaar in te stappen, schetsen we graag de algemene contouren en bekijken we vervolgens dit de gevolgen van de meewaardebelasting vanuit uw standpunt als belegger, als bedrijfsleider en als mogelijke verkoper of overdrager van uw zaak of praktijk. Dit aan de hand van de (beperkte) informatie die momenteel beschikbaar is.
De meerwaardebelasting is een personenbelasting en daardoor van toepassing op natuurlijke personen die volle eigenaar of blote eigenaar zijn van financiële activa. Vennootschappen die meerwaarden realiseren zijn dus niet onderworpen aan deze belasting maar volgen hun eigen regels van de vennootschapsbelasting.
Een speciale vorm zijn juridische structuren zoals VZW’s en stichtingen, zij zullen wel onderhevig zijn aan deze nieuwe belasting.
Het principe is dat via de nieuwe wetgeving enkel meerwaarden als gevolg van het normaal beheer van het privévermogen geviseerd worden. Meerwaarden uit een beroepsactiviteit of ingevolge abnormaal beheer blijven afzonderlijk (en strenger) belast. De bestaande wetgeving hieromtrent verandert niet.
Het begrip financiële activa wordt zeer ruim ingevuld en omvat onder andere aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, afgeleide producten, verzekeringsbeleggingen, cryptomunten en valuta en dit zonder geografische beperking. In welk land of via welke instelling u meerwaarde boekt, maakt niet uit. Als u in België woont, betaalt u de belasting in België.
Pensioensparen, groepsverzekeringen en individuele pensioentoezeggingen zijn niet geviseerd. (de zogenaamde 2de en 3de pijler contracten)
De meerwaardebelasting wordt onderverdeeld in 3 taxatieregimes:
De belasting zal van toepassing zijn voor alle meerwaarden op financiële activa die vanaf 1 januari 2026 gerealiseerd worden. Ook zal enkel de waardestijging die vanaf 1 januari 2026 ontstaat, belastbaar zijn. De zogenaamde ‘historische meerwaarden’ tot en met 31 december 2025 blijven vrijgesteld. Voor uw huidige beleggingsportefeuille moet u op het moment van de verkoop met andere woorden kunnen aantonen welke waarde uw aandelen hadden op 31 december 2025. Het (positieve) verschil tussen die waarde en de verkoopprijs, zal belastbaar zijn.
Voor verkopen tot 31/12/2030 wordt voorzien in een overgangsperiode indien het fotomoment per 31/12/2025 minder gunstig is dan uw effectieve historische aankoopprijs. In deze gevallen kan u voor de effectieve aankoopprijs kiezen. Vanaf 2031 vervalt deze keuzemogelijkheid.
We willen toch nog even benadrukken dat deze nieuwe belastingvorm een meerwaardetaxatie is. U betaalt dus geen meerwaardebelasting op de transactieprijs maar wel op de meerwaarde die u realiseert.
Verkoopt u voor 100.000 euro en is uw aankoopprijs (of de waarde op 31/12/2025) 80.000 euro, dan bedraagt de meerwaarde 20.000 euro en betaalt u hierop belastingen.
Opvallend ook: Kosten en belastingen, zoals beurstaks of waarderingskosten, zijn niet aftrekbaar. Minderwaarden kunnen wel in mindering gebracht worden, maar enkel binnen hetzelfde regime en hetzelfde belastbaar tijdperk.
De overdracht moet onder bezwarende titel gebeuren. Concreet betekent dit dat er een tegenprestatie moet zijn door de koper. Erfenissen en schenkingen zullen dus vrijgesteld worden op moment van overdracht. Volgt er later een verkoop door de begunstigde van de erfenis of schenking dan treedt de meerwaardebelasting wel in werking. Een uitgebreide documentatie bijhouden lijkt ons dus aangewezen.
Bent uzelf vruchtgebruiker en uw kind naakte eigenaar dan zal bij de realisatie van meerwaarde uw kind (als naakte eigenaar) de eventuele meerwaardebelasting moeten betalen.
|
|