test

U werkt hard, zorg dat dit werk loont!

Een vennootschap is voor ondernemers een aantrekkelijke keuze om heel wat redenen. Het gunstig fiscaal regime is er eentje van. Hoe kan u op een fiscaalvriendelijke manier vermogen vanuit uw vennootschap naar uw privé overhevelen? Marc Gielis legt als belastingconsulent bij Bank J.Van Breda & C° en expert Van Breda Advisory enkele mogelijkheden uit.

Minder belastingen dankzij uw vennootschap

In de keuze voor een vennootschap speelt het verschil in tarieven tussen de personenbelasting en de vennootschapsbelasting ongetwijfeld een rol.

Marc Gielis: ‘Zo’n 60 procent van uw beroepsinkomen dreigt te verdwijnen in de staatskas via belastingen en sociale bijdragen. Krijgt de winst in de vennootschap een zekere omvang en groeit het besef dat zo’n groot deel van de inkomsten naar de overheid vloeit, dan worden de mogelijkheden van een vennootschap steeds aantrekkelijker.

Het hoogste tarief in de vennootschapsbelasting blijft lager dan het hoogste tarief in de personenbelasting. We moeten de vergelijking wel correct maken. De winsten na vennootschapsbelasting behoren uiteraard wel nog steeds aan de vennootschap toe.

‘Dankzij de vennootschap kan u een deel van uw toekomstig pensioenkapitaal op een fiscaalvriendelijke manier opbouwen’

De juiste timing

Van zodra u als zelfstandige niet al uw inkomsten nodig hebt en dus meer binnenkrijgt dan u gebruikt om te werken en te leven, kan het interessant worden om een vennootschap op te richten. Een vennootschap laat toe om uw inkomsten fiscaal voordeliger te beheren.

 

Hoe haalt u vermogen uit uw vennootschap? 

Welke manier kiest u om vermogen vanuit uw vennootschap naar uw privé over te hevelen?

Marc Gielis: ‘Deze keuze hangt af van wat uw plannen zijn met het geld dat u eruit haalt en hoe lang u erop kan wachten. Hoe sneller u de middelen privé nodig hebt, hoe hoger de belastingdruk!’

Van professioneel naar privé: wat zijn zoal mogelijkheden?

1. Bezoldiging
2. Individuele Pensioentoezegging
3. Dividend: courant dividend, VVPR-bis of VVPR-ter

 

60 procent van uw beroepsinkomsten dreigt te verdwijnen in de staatskas via belastingen en sociale bijdragen. Een vennootschap kan dit voorkomen

Bezoldiging: ‘wat keer ik mezelf uit?’

Marc Gielis: ‘Als bedrijfsleider in een vennootschap bepaalt u zelf welke bezoldiging u zichzelf uitkeert. Onder deze bezoldiging vallen alle beroepsinkomsten die u als zaakvoerder ontvangt uit uw vennootschap.

Zo ook de voordelen van alle aard (VAA). We denken dan vooral aan vastgoed (het privégebruik van een woning die eigendom is van de vennootschap) en de bedrijfswagen.’

Welke bezoldiging keer ik mezelf uit?

U bent vrij om uw bezoldiging zelf te bepalen. Maar omdat uw bezoldiging ervoor zorgt dat de motor thuis blijft draaien, is uw gewenste levensstandaard het aangewezen vertrekpunt om dit bedrag te berekenen.

 

 

Bepaal uw bezoldiging op basis van uw levensstandaard

Vennootschapsbelasting op winst

Marc Gielis: ‘Na het uitkeren van de bezoldiging blijft de winst over die u via de vennootschap realiseert.

Op deze winst betaalt de vennootschap belasting. Nu gaat het nog om 29,58 % (29 % + 2 % crisisbijdrage). Vanaf 1 januari 2020 daalt het tarief tot 25 %.

Er bestaat ook een zogenaamd KMO-tarief dat de eerste 100.000 euro laat belasten aan 20 % (+ 2% crisisbijdrage, die ook verdwijnt vanaf 2020).

Let wel: Om deze lagere vennootschapsbelasting op de eerste 100.000 euro te genieten, moet de vennootschap naast enkele andere voorwaarden jaarlijks minstens 45.000 euro bezoldiging aan één van haar bedrijfsleiders betalen.’

Individuele pensioentoezegging (IPT)

Als zelfstandige bedrijfsleider met een vennootschap kan u bovenop het vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen (VAPZ) ook sparen voor een extra pensioenkapitaal via een individuele pensioentoezegging (IPT).

IPT is een interessante formule om op een fiscaalvriendelijke manier een pensioen op te bouwen binnen uw vennootschap.

Marc Gielis: ‘IPT mag u zien als een groepsverzekering voor zelfstandigen. Naast de opbouw van uw pensioenkapitaal heeft IPT nog heel wat andere voordelen:

  • Fiscaal voordelig: De premies zijn integraal aftrekbaar in de vennootschapsbelasting, maar dan wel binnen de wettelijke grenzen.
  • Extra waarborgen: U kan IPT uitbreiden met een verzekering gewaarborgd inkomen en overlijden
  • Individueel: Bij verkoop of faillissement blijft uw opgebouwd kapitaal gevrijwaard. U kan de IPT ook gebruiken voor de aankoop van vastgoed (ook buiten België).

Dividenduitkering

Na het betalen van de vennootschapsbelasting kan u de winst als dividend uitkeren aan de aandeelhouders/vennoten of reserveren via de aanleg van een afzonderlijke liquidatiereserve om deze later uit te keren.

Courant dividend
De belaste winst die uw vennootschap veelal één keer per jaar aan haar aandeelhouders/vennoten uitkeert, is een dividend.

Marc Gielis: ‘Uw vennootschap is verplicht om hierop 30% roerende voorheffing in te houden.

Dit is voor de aandeelhouder of vennoot meteen een bevrijdende eindbelasting. U hoeft deze inkomsten niet meer aan te geven in uw personenbelasting.

Maar er bestaan ook andere mogelijkheden. We overlopen even de mogelijke stelsels.’

VVPR-ter
Een liquidatiereserve (VVPR-ter) is een reserve die vennootschappen kunnen aanleggen gebaseerd op de winst. VVPR staat voor ‘Verlaagde Voorheffing/Précompte Réduit’.

Marc Gielis: ‘Op deze liquidatiereserves geldt een bijkomende vennootschapsbelasting van 10% (de zogenaamde anticipatieve heffing).

De meest gestelde vragen over uw bezoldiging en IPT

FAQ: Hoeveel heb ik per maand nodig om te leven?

Dit hanteren wij als vuistregel:
2 x (behoefte – loon van de partner) + VAPZ

FAQ: Een goed idee om mijn bezoldiging te verhogen tot 45.000 euro?

Marc Gielis: ‘Dat klinkt in eerste instantie weinig aantrekkelijk omdat een hogere bezoldiging ook hogere sociale bijdragen en bijkomende personenbelasting betekent. Maar toch kunnen we aan de hand van enkele simulaties vaak besluiten dat het wél interessant kan zijn. Een hogere bezoldiging zorgt immers ook voor een bijkomende fiscale ruimte om fiscaalvriendelijk extra wettelijk pensioen via de vennootschap op te bouwen. Bijkomend zal de vennootschap op de eerste 100.000 euro minder vennootschapsbelasting (9.180 euro) betalen. Het belang van een degelijke begeleiding wordt hier nog maar eens duidelijk.’

FAQ: Hoeveel mag ik in mijn IPT-potje storten?

Marc Gielis: ‘Dat mag u zelf bepalen. Zolang u zich maar houdt aan de zogenaamde 80 procent-regel. De som van het wettelijk en aanvullend pensioen mag niet hoger liggen dan 80 procent van de laatste ‘normale’ bruto jaarbezoldiging. Bij deze berekening moet u ook rekening houden met andere vormen van aanvullend pensioen, zoals het VAPZ. Overschrijdt u toch de 80 procent-grens, dan zijn de IPT-bijdragen niet fiscaal aftrekbaar.’

 

Na een wachttijd van vijf jaar (behoudens liquidatie) kan u tegen 5% roerende voorheffing de aangelegde liquidatiereserve uit de vennootschap halen en naar uw privé overhevelen.

Wilt u deze reserve vóór het verloop van vijf jaar uit uw vennootschap halen, dan betaalt u bijkomend 20% roerende voorheffing.

Door jaarlijks de liquidatiereserve toe te passen, komt er na de eerste vijf jaar elk jaar een som vrij. U kiest op dat moment of u dit vrijgekomen bedrag dan gebruikt voor professionele of persoonlijke doeleinden.

 

VVPR-bis

Marc Gielis: ‘Ook het VVPR-bis stelsel is interessant. Vennootschappen kunnen dan tegen 15% roerende voorheffing dividenden uitkeren. Ook hier is een wachtperiode van toepassing.’

De roerende voorheffing bedraagt: 30% voor de dividenden verleend of toegekend uit de winstverdeling van het boekjaar van de inbreng zelf en uit de winstverdeling van het eerste boekjaar na dat van de inbreng. 20% voor de dividenden verleend of toegekend uit de winstverdeling van het tweede boekjaar na dat van de inbreng. 15% voor de dividenden verleend of toegekend uit de winstverdeling voor het derde boekjaar en volgende na dat van de inbreng.



De keuze tussen de liquidatiereserve (VVPR-ter) of VVPR-bis moet in detail bekeken worden. Niet alle vennootschappen genieten het VVPR-bis-stelsel. Zo zijn o.a. vennootschappen die opgericht werden met een kapitaal in natura uitgesloten.

Marc Gielis: ‘Er zijn verschillende mogelijkheden om geld uit de vennootschap te onttrekken waarna de fiscale eindfactuur merkelijk minder hoog is dan wanneer u zonder een vennootschap werkt. Dankzij de laatste fiscale hervorming is het verschil substantieel gegroeid. We hebben hier de meest voorkomende opties vermeld. In de praktijk blijft het nodig om het voor elke vennootschap en persoon in detail te bekijken en te berekenen. Dit is en blijft in de fiscaliteit een gouden regel!’

Wil u ook meer evenwicht tussen uw professioneel en uw privévermogen?

Onze experts staan u bij met hun kennis en ervaring. Bovendien overleggen we graag met uw accountant. Samen schetsen wij voor u het volledige plaatje zodat u de juiste financiële keuzes maakt.

 

Auteur

Barbara Claeys

dinsdag 9 juli 2019