test

Associaties als democratie van de zuiverste soort

Hoe wordt een vrije beroeper economisch gewaardeerd? Wat is hij waard als hij in een associatie stapt als nieuweling of als ervaren medicus?

We spraken met Peter Weyers. Als associé bij Baker Tilly Belgium, bedrijfsrevisor en accountant-fiscalist is hij de uitgelezen persoon om de economische factor van een associatie te belichten. 

Er is veel veranderd de afgelopen 20 jaar. Vroeger gebeurde de waardering op basis van vuistregels omdat de boekhoudingen nog niet zo gesofisticeerd waren als nu. Toen werd er vooral naar omzet gekeken. Vandaag wordt er gefocust op rendement, op resultaat. Zo is er bijvoorbeeld bij tandartsenpraktijken een tendens naar economische overnames door grotere groepen die dat puur bekijken op basis van een businessplan.

Wanneer waarderen?

Wanneer een oudere dokter zich wil associëren met een jongere collega, kan de eerste zijn praktijk overdragen of verkopen aan een op te richten associatie. Om te weten wat hij inbrengt, moet dit gewaardeerd worden. Die inbreng is dan eigenlijk een tegoed bij de vennootschap. Hij kan dit tegoed geleidelijk aan uitbetaald krijgen, of hij kan in één keer cashen. In dat laatste geval gaat de vennootschap bijv. een lening aan om die dokter onmiddellijk te vergoeden.

Tweede mogelijkheid is dat die dokter zijn inbreng in de vennootschap als kapitaal stort en dat de nieuwe dokter hetzelfde bedrag cash inbrengt, zodat ze op gelijke voet van start kunnen gaan.

En dan is er nog een derde mogelijkheid. U kan vennoot worden in een associatie door iemands aandelen over te nemen. Op dat moment wordt de vennootschap in zijn totaliteit gewaardeerd zodat de nieuwe vennoot de correcte prijs betaalt voor zijn aandelen. Als er een gebouw in de vennootschap zit, wordt dat er vaak uitgehaald om de prijs per aandeel niet onnodig de hoogte in te jagen en om het aantrekkelijk én betaalbaar te houden voor de nieuwe vennoot om in te stappen.

 

Het is best mogelijk om aan andere zaken dan de financiële een waarde toe te kennen.

Het hoeft evenwel niet altijd over aandelen te gaan: wanneer iemand toetreedt tot een bestaande associatie, heeft de toetreder het grote voordeel onmiddellijk mee te genieten van het opgebouwde cliënteel of patiëntenbestand. Om dit te vergoeden, kan u dan bijvoorbeeld werken met een inloopperiode, waarbij de ene dokter(sgroep) tijdelijk minder verdient dan de andere om zo zijn bijdrage te betalen aan wat in het verleden werd opgebouwd. Of u kan werken met een ‘opleg’, waarbij de ene groep zich inkoopt.

 

Peter Weyers

Peter Weyers

Wat met fusies?

Wanneer het om een fusie van ziekenhuizen of associaties gaat, kijken wij naar de verdiensten van iedereen. En aan de hand van economische principes toetsen wij af hoe zij tot een vergelijk kunnen komen.

Op de ‘peildatum’ - het moment dat u start – kan u bij zo’n fusie ook vastleggen wat ieders range zal zijn, ieders type bezigheden. Er zijn dokters die nl. minder inkomsten genereren dan anderen maar die evenzeer nodig zijn om de reputatie van de associatie hoog te houden. Bijvoorbeeld omdat zij onderzoek doen en zo de kennis van de hele groep op peil houden. Het is dus best mogelijk om aan andere zaken dan de financiële een waarde toe te kennen.

Rekening houden met een worst case scenario is gezond

In ieder geval is het essentieel om in het begin alle afspraken over toekomstige vergoedingen, maar ook over stopzetting, een zwangerschap, ziekte en zelfs een overlijden te bekijken. U moet niet bang zijn om een worst case scenario onder ogen te zien. Want als het ooit zover komt, is het te laat om die dingen nog te regelen. Als expert moeten we spijtig genoeg al te vaak in associatie-scheidingszaken opdraven waar afspraken niet duidelijk geregeld waren.

Het instapscenario is dus even belangrijk als het uitstapscenario, maar de vergoedingen van de leden in de tussenliggende periode zijn minstens even essentieel. In een advocatenkantoor kan u via key performance indicators misschien keihard vastleggen wie wat doet of heeft gedaan, maar in de zachte sector werkt dat niet. De omgeving is daar minder business-gedreven. Hier is het dus zaak om permanent de groep samen te houden en te belonen en daar ook blijvende en duidelijke afspraken over te maken. Wij raden elke associatie aan om 2 keer per jaar de afgesproken vergoedingen gezamenlijk te evalueren om voeling te houden met wat er leeft. Zo kan u de problemen voor zijn. Want een associatie van vrije beroepers heeft vaak geen directeur, de leden moeten dus samen de trein op de rails houden.

Wij raden elke associatie aan om 2 keer per jaar de afgesproken vergoedingen te evalueren.

Een associatie is per definitie veel meer een overlegmodel. Het is democratie van de zuiverste soort. Dat vergt energie, maar er zijn steeds meer coaches en HR-consultants die leden helpen om hun plaats te vinden in de associatie. Niet zelden worden de soft skills van mensen getest en loopbaancoaches ingeschakeld. Want hoe beter iedereen weet wat zijn sterktes en zwaktes zijn, hoe beter dit uiteindelijk is voor de associatie zelf. 

donderdag 17 mei 2018