test

Associëren, een checklist!

Kijk ook zeker juridisch naar de constructie van een associatie, zeker als u in een ziekenhuis werkt of straks misschien zelfs in meerdere ziekenhuizen tegelijk aan de slag gaat. Wat moet er zeker in de overeenkomst staan? Filip Dewallens vertelt ons er meer over.

We werken hiervoor meestal met een uitgebreide checklist die u als associé zelf eerst moet doornemen. Zodat u beseft u dat zo’n overeenkomst het ultieme voorbeeld van maatwerk is en dat u niks over het hoofd mag zien. Om dit te illustreren is het handig om een associatie te bekijken in zijn drie meest voorkomende levensfasen: geboorte, leven en de dood.

Voorbereiden op geboorte en leven

Bij de geboorte gaat het over de instap: wat zijn de toetredingsvoorwaarden voor een nieuwe associé? Wat is de selectieprocedure? Is de proefperiode van het ziekenhuis afgestemd op die van de associatie? Als het over een associatie in ziekenhuisverband gaat, screenen wij de arbeidsvoorwaarden van het betrokken ziekenhuis en synchroniseren we die met de associatieovereenkomst.

Het leven van een associatie is het dynamische stuk. Met welk type associatie wil u werken? Met welk soort artsen? Belangrijk is de wachtregeling: wat is er voorzien om de wachten in te vullen? Is er bijvoorbeeld vanaf een zekere leeftijd geen verplichte wacht meer? Is er een voorkeursrecht bij vakantieregeling, bijvoorbeeld voor wie kinderen heeft?

Wij bevelen u aan om dit allemaal heel operationeel in de overeenkomst op te nemen. Let ook op een eventueel niet-concurrentiebeding. In welke mate mag iemand die lid is van de associatie actief zijn buiten de associatie? Want dat kan voor minder inkomsten zorgen binnen de associatie. Heeft iemand nog een thuispraktijk? Worden de inkomsten van die thuispraktijk ook opgenomen? U merkt het, u moet de reikwijdte van uw associatie heel duidelijk definiëren. Gaat u al uw patiënten samen behandelen of houdt ieder een eigen bestand? Dit is allemaal te bekijken in functie van het specialisme, want dat ligt vanzelfsprekend anders bij psychiaters dan bij cardiologen of huisartsen. 

Niet bang zijn voor de dood

En dan is er de dood van de associatie. Hoe regelt u een ontslag? Is daar een gewone meerderheid voor nodig of wil u unanimiteit bij zulke beslissingen? Stipuleert u dat uit de associatie stappen ook betekent dat de betrokkene het ziekenhuis moet verlaten? En wat als iemand zelf wil opstappen omdat hij naar een ander ziekenhuis vertrekt. Of hij wil blijven, maar wenst niet meer met zijn huidige collega’s te werken. Moet hij betalen om te kunnen vertrekken of ontvangt hij een exitvergoeding omdat hij zijn patiëntenbestand overlaat aan de associatie?

Ook hier is een niet-concurrentiebeding cruciaal. U zou misschien liefst zien dat wie eruit stapt nooit meer een praktijk mag beginnen in de buurt van uw ziekenhuis, maar weet dat de rechtbank zoiets nooit zal aanvaarden. Een beding moet altijd beperkt zijn in ruimte en tijd.

U hebt ongetwijfeld begrepen dat confl ictregeling primordiaal is. Want als er een probleem is, grijpt iedereen – en zeker de advocaat van de tegenpartij - naar de overeenkomst. Daarom kan de tekst maar beter zo helder mogelijk zijn. Vage clausules kunnen honderdduizenden euro’s én carrières kosten. Het is dan ook een heel slecht idee om bijvoorbeeld de overeenkomst van een gelijkaardige dienst in een ander ziekenhuis te kopiëren. Als er dan een probleem rijst, ontdekt men vaak dat wat daarin opgenomen staat niet spoort met de reglementen binnen het eigen zieken huis. Of nog pijnlijker: dat de wetgeving of zelfs de rechtspraak intus- sen gewijzigd is.

Slordig omgaan met conflictregeling in uw toekomstige overeenkomst kan honderdduizenden euro’s én carrières kosten.

Ziekenhuizen staan niet stil

Alles beweegt, niet alleen de patiëntenrechten maar ook de scope van de specialist. Men spreekt nu steeds vaker van ‘privileging’. Dat betekent dat elke arts zich toelegt op slechts enkele behandelingen en onderzoeken. Daardoor zullen sommigen misschien lucratievere handelingen mogen stellen dan anderen en kan er een ongelijkheidheid ontstaan in de associatie.

U werkt dan misschien wel even hard of zelfs harder, maar met lagere inkomsten. Andere associés zouden daarover kunnen beginnen morren. Deze conflictstof bestond vroeger niet. Associëren met collega’s van een ander ziekenhuis, met een andere cultuur en andere interne normen is complex. Daarom dat het zaak is om u goed op alle scenario’s voor te bereiden.

Associëren met de collega’s van een ander ziekenhuis? 5 aandachtspunten!

In de gezondheidszorg vormen zich steeds meer netwerken. Ziekenhuizen zullen met hun natuurlijke partners of vakgenoten uit de regio afspraken maken over het aanbod. Daar is een duurzame structuur en een veilige financiering voor nodig. De aarzeling bij de betrokkenen is groot omdat de impact van een ziekenhuisnetwerk moeilijk in te schatten valt.

Hoe gaat u hier als ziekenhuisarts mee om? Hou het simpel en denk twee keer na voor u een vennootschap opricht: dat is zelden nuttig, maar wel altijd duur en omslachtig.

De volgende vijf elementen zijn cruciaal bij de oprichting van een ziekenhuisoverschrijdend samenwerkingsverband:

  1. Welke algemene regeling zal van toepassing zijn?
  2. Welke financiële regeling zal van toepassing zijn?
  3. Wordt elke nieuwe collega in de dienst ook een nieuwe associé?
  4. Is een uittredende collega gebonden aan het niet-concurrentiebeding?
  5. Wat met het bestuur van de samenwerking?

donderdag 17 mei 2018